Ouders versterken, niet afbranden

maartje • 3 september 2026

Ouders versterken, niet afbranden

Artikel voor zorgprofessionals - Perspectivia 


Ik loop terug naar de parkeerplaats. De ingehouden tranen druppen op de mouw van mijn shirt. Zes professionals zaten net met mij aan tafel bij het MDO. Oplossingen, ideeën en voorstellen kwamen voorbij. Mijn zorgen werden weggewuifd. “Alle jongeren moeten in het begin wennen op de middelbare school.” “Je moet geduld hebben.” “Het komt vast allemaal goed.” Ik voelde me roepend in de woestijn. Niemand die reageerde op de zorgen en voorbeelden die ik noemde. Niemand die vroeg hoe het thuis ging. 


Herkenbaar? Voor veel ouders van kinderen die net iets meer nodig hebben, of die buiten het bekende hokje vallen, is dit geen uitzondering maar een patroon. Vaak denken professionals dat er vooral oplossingen, ideeën en voorstellen moeten komen. Terwijl het soms veel belangrijker is om eerst even stil te staan en écht te luisteren. 


Dat klinkt eenvoudig, maar in de praktijk is het dat niet. Dit artikel gaat over wat er nodig is om ouders in hun kracht te zetten in plaats van ze te laten wankelen en wat dat vraagt van jou als professional. 


Niet gehoord, niet gezien, niet serieus genomen 

Praat je met ouders over hun ervaringen met hulpverlening, dan hoor je vaak dezelfde ondertoon terug: het gevoel er niet echt bij te horen, niet gezien te worden, niet serieus genomen te worden. Op papier wordt er “samengewerkt” en zijn ouders “betrokken”. In de praktijk voelt dat voor veel ouders anders: al snel het label “lastige ouder” die maar niet kan loslaten, terwijl de professional tegenover hen intussen ook oprecht zijn best doet. Beide dingen zijn tegelijk waar, en juist dat maakt de samenwerking soms zo lastig. 


Dat schreef ik eerder ook op Balans Digitaal: mijn zoon Liam, die worstelt met autisme, angst en genderdysforie, werd langs meer dan dertig organisaties gestuurd voordat er structureel naar hem én naar mij werd geluisterd. Ik twijfelde voortdurend aan mezelf, terwijl ik eigenlijk vanaf het begin gelijk had over wat mijn kind nodig had. Dat patroon, aan jezelf twijfelen terwijl je intuïtie klopt, zien we bij veel ouders van kinderen die buiten het hokje vallen. 


De ouder is de continue factor 

De meeste mensen beseffen pas hoeveel organisaties en professionals er langskomen zodra er iets speelt met hun kind, als het zover is. Wat dan opvalt: jij bent uiteindelijk degene die het overzicht bewaart, simpelweg omdat professionals wisselen en jij blijft. Dat ouderschap stopt niet als je kind ergens anders woont, volwassen wordt, of er niet meer is. Precies daarom is het zo belangrijk om ouders te zien als de constante factor in het leven van een kind, en jezelf als professional meer als iemand die voor een periode meeloopt. Jullie willen uiteindelijk hetzelfde: het beste voor het kind. Dat is waar de samenwerking op gebouwd kan worden. 


Er wordt vaak gezegd dat ouders de expert zijn als het om hun kind gaat, en daar zit veel waarheid in: niemand kent het kind zo lang, zo breed en in zoveel situaties als de ouder. Dat wil niet zeggen dat een ouder alles weet of alles alleen aankan, vandaar dat er hulp gezocht wordt. Voor jou als professional is dit je vak, iets waarvoor je hebt gekozen en waar je ervaring in hebt opgebouwd. Voor een ouder is dit vaak de eerste keer, iets waar hij niet voor gekozen heeft en niet iets waar hij op rekende toen hij aan een gezin begon. 


Sta je er weleens bij stil dat jij straks weer verdergaat naar de volgende afspraak, en deze ouder niet? 


Wat er onder tafel gebeurt 

Je zit aan tafel bij het MDO. Je aantekeningen liggen klaar, het plan van aanpak staat op papier. Tegenover je zit een moeder, armen over elkaar, blik op het tafelblad. Je begint uit te leggen wat de volgende stappen worden. Ze knikt. Maar iets in haar houding trekt dicht. 


Je voelt het wel. Je benoemt het niet. Je gaat door met de agenda. 


Was dat een gemiste kans? Misschien wel. Niet omdat het plan niet klopte, maar omdat er iets onuitgesproken bleef: of er eigenlijk al genoeg vertrouwen was om dat plan sámen te maken. 


Ouders komen doorgaans in beeld bij een professional via hun kind, en het gesprek gaat dan al snel over dat kind: wat er speelt, wat er nodig is, welke stappen volgen. Maar er gebeurt tegelijk iets wat vaak onbenoemd blijft: ouder en professional tasten af of er tussen hen een samenwerking kán ontstaan. Bedoelen jullie hetzelfde met een woord als “samenwerken”? Hoe voelt het om plotseling “een dossier” te zijn? Is dit de eerste ontmoeting, of de zoveelste in een lange rij? Voor ouders is dat liever geen aandachtspunt, zij willen vooral dat het goedkomt met hun kind. Voor jou als professional is het juist waardevol om daar wél oog voor te hebben, en te zoeken hoe je kunt aansluiten. 


In de praktijk schiet die aandacht er nogal eens bij in. Het gesprek gaat dan al snel over de vraag óf ouders wel betrokken mogen worden, en dan staat een ouder eigenlijk al met een achterstand aan tafel. Terwijl ouders sowieso betrokken zijn, wat er ook geregeld is rond privacy of beroepsgeheim. Wat wél helpt, is zoeken naar wat jullie gemeenschappelijk hebben: onderzoek laat zien dat mensen zich dan minder afhankelijk en minder ongelijk voelen. Niet in de vorm van “u vraagt, wij draaien”, maar als een samenwerking waarin je op elkaar afstemt en van elkaar leert, met het kind als gedeeld doel. En met ruimte voor wat dit alles met de ouder zelf doet, los van alle praktische dingen die geregeld moeten worden. 


Naast elkaar, niet erboven of eronder 

Gelijkwaardig samenwerken betekent dat je onderzoekt hoe de kennis die een ouder in de praktijk heeft opgebouwd, en de vakkennis van de professional, elkaar kunnen aanvullen. Dat lukt beter zodra je loskomt van het idee van een “systeem dat hulp nodig heeft” tegenover een “systeem dat hulp biedt”, en in plaats daarvan uitgaat van iets wat je van elkaar kunt leren. De ouder leert kijken door de ogen van de professional, en andersom. Hoe meer perspectieven er meetellen, hoe gelijkwaardiger de samenwerking voelt. Organisaties die dit serieus nemen, leren hun mensen hun expertise aanvullend en ondersteunend in te zetten in plaats van sturend. Dat versterkt ouders: ze kunnen bouwen op wat ze al konden, of dat uitbreiden. Kortom, ga als organisatie naast een ouder staan, niet erboven, eronder of ertegenover. 


Daarbij helpt het om vooraf helder te hebben op welk niveau je eigenlijk samenwerkt: 


  1. Meeleven/meeweten: je deelt informatie met ouders; het initiatief en de regie blijven bij jou als professional. 
  2. Meehelpen: ouders leveren een steentje bij aan iets dat al bedacht is. 
  3. Meedenken: ouders denken actief mee en hun inbreng weegt mee in de uiteindelijke afweging. 
  4. Meebeslissen: ouders hebben echt stem in de uitkomst en kunnen een voorstel ook bijsturen of tegenhouden. 

Ga daar niet stilzwijgend van uit: denkt een ouder dat er samen beslist wordt, terwijl het overleg alleen bedoeld is om te informeren, dan praat je al snel langs elkaar heen. Bespreek dus vooraf welk niveau van invloed hier past. 

(bron: https://mijnkindwildood.nl/gelijkwaardig-samenwerken/)


Waarom het soms zo schuurt 

Een ouder zit tegenover je en reageert feller dan de situatie eigenlijk vraagt. Je voelt een lichte irritatie opkomen: waarom nu weer die weerstand? Je probeert toch te helpen? 


Wat je niet ziet: die ouder heeft de avond ervoor tot diep in de nacht zitten zoeken. Artikelen, forums, ervaringen van andere ouders. Heeft zich afgevraagd of ze zelf iets over het hoofd zag. En zit nu, met een knoop in haar maag, tegenover jou, bang dat ook jij vindt dat ze tekortschiet. 


Dat zie je niet, maar het is er wel. 


Samenwerken met ouders kán lastig zijn, en het helpt om te snappen waarom. Voor jou als professional is dit kind één van de vele; voor de ouder is het 24/7. Diezelfde ouder heeft waarschijnlijk nachten het internet afgestruind en alle artikelen gelezen die er te vinden zijn. Als de ouder niet voor zijn kind strijdt, doet niemand het. 


Die ouder maakt zich zorgen en voelt zich daardoor snel aangevallen. Niet omdat hij denkt dat jij het niet goed doet, maar omdat hij zelf voortdurend aan zichzelf twijfelt: doe ik het wel goed? Krijgt hij dan ook nog het gevoel dat de professional dat vindt, dan wordt dat heel kwetsbaar, en is de reactie al snel de aanval, puur om zichzelf te beschermen. 


Wat wel werkt 

Wat helpt, is vaak minder ingewikkeld dan het klinkt: 


  1. Betrokken zijn en écht luisteren. 
  2. Soms even samen “in de put zitten” in plaats van meteen te willen oplossen. 
  3. Erkennen dat je het ook niet allemaal weet. 
  4. Samen zoeken, samen werken, in plaats van voor de ouder bedenken. 
  5. Onderzoeken waarin thuis, school, werk en behandeling van elkaar verschillen. 
  6. Oprechte interesse en aandacht hebben, ook voor de ouder zelf, niet alleen voor het kind. 
  7. Letten op oudervriendelijke taal en bejegening. 
  8. Samen bespreken hoe je de gezamenlijke verantwoordelijkheid praktisch invult. 

Nog een tip: merk je dat de samenwerking met een ouder (of collega) vastloopt, kijk dan eerst naar je eigen aandeel voordat je probeert de ander te veranderen. Gedrag roept namelijk altijd ander gedrag op. Reageer je fel, dan trekt de ander zich terug of bijt terug, en andersom werkt het net zo. Gedrag is zelden gewoon “goed” of “fout”; er zit bijna altijd een reden achter. Blijf dus nieuwsgierig en probeer te begrijpen waarom iemand reageert zoals hij doet. Dat opent vaker een deur dan een verwijt. 


Een handig hulpmiddel daarbij is de Roos van Leary, een model dat laat zien hoe actie en reactie elkaar in gesprekken beïnvloeden. Het helpt je bewuster te kiezen wát je zegt en hóe je het zegt, zeker als je merkt dat je met iemand in een vast patroon vastzit. Het klinkt ingewikkelder dan het is: in de praktijk werkt het meestal verhelderend zodra je het een paar keer hebt toegepast. 


Samen doen 

Terug naar die parkeerplaats. Wat had daar geholpen? Geen extra oplossing, geen nieuw plan, maar iemand die vroeg hoe het thuis ging en die de zorgen niet wegwuifde, maar serieus nam. Ouders versterken betekent niet dat je als professional meer moet doen. Het betekent dat je de kennis en ervaring van ouders benut in plaats van erlangs werkt, en dat je ouders in hun kracht zet in plaats van ze te laten wankelen. Dat begint vaak met iets kleins: samen zoeken in plaats van vóór iemand bedenken, en oprecht nieuwsgierig zijn naar wat er bij een ouder speelt. 


Bronnen:

Alice van der Pas, ouderschapstheorie

Janneke van Bockel, ouderschapsdeskundige (scholing gevolgd)

Wim Goossens

https://mijnkindwildood.nl/gelijkwaardig-samenwerken/

https://netwerkbetersamen.nl/brochure-taal-doet-ertoe/

https://netwerkbetersamen.nl/

https://www.ishetoudervriendelijk.nl/



Wil je dit onderwerp binnen je team of organisatie laten landen? Ik kom als spreker vertellen vanuit ervaringsdeskundig perspectief, als ouder én als professional, over wat ouders écht nodig hebben om weer naast je te staan. Neem contact op voor de mogelijkheden. 

Ja, ik wil meer weten Artikel Balans Digitaal
Onzichtbaar onder water
door maartje 28 augustus 2026
Wat je niet ziet, is er wél. Onzichtbare Parels laat zien waarom luisteren naar ouders zo belangrijk is, en dat niemand dit alleen hoeft te dragen.
Denied, afgewezen
door maartje 25 augustus 2026
Wat als 'je moet het zelf willen' juist zorgt dat iemand afhaakt? Het verhaal van Maartje over haar zoon, vertrouwen en zorgmijding in de ggz.
kleine successen zichtbaar maken
door maartje 20 augustus 2026
Kleine successen zichtbaar maken: motivatie bij jongeren met faalangst. Praktisch inzicht voor zorgprofessionals
uitnodiging boeklancering onzichtbare parels
door maartje 18 augustus 2026
boeklancering onzichtbare parels, mijn reis als moeder in de wereld van autisme
Liam en zijn ouders
door maartje 18 augustus 2026
Liam is een thuiszitter, geen passende plek
nieuwe dingen kosten energie
door maartje 6 augustus 2026
nieuwe dingen kosten energie, vakantietips bij autisme
vakantie moet gezellig zijn
door maartje 30 juli 2026
Vakantie moet toch gezellig zijn? vakantietips voor een fijne vakantie met autisme
waarom ik schrijf
door maartje 28 juli 2026
Een eerlijk verhaal over niet gehoord worden, eenzame zoektocht en toch lichtpuntjes vinden. Voor ouders die weten hoe dit voelt.
zomerchallenge
door maartje 20 juli 2026
Download de Zomerchallenge Bingo: kleine, concrete stappen tegen stress. Herkenbaar voor ouders én waardevol voor professionals in de begeleiding van jongeren en volwassenen.
dit boek had ik niet willen schrijven
door maartje 14 juli 2026
Dit boek begon niet met een schrijversdroom. Het begon met een reis die ik liever niet had hoeven maken.